Chip, castreer en steriliseer je kat

Chip, castreer en steriliseer je kat

De Vlaamse dierenwelzijnswetgeving stelt dat alle katten en kittens gecastreerd of gesteriliseerd moeten worden voor ze 5 maanden oud zijn (mogelijk vanaf 8 weken) en gechipt voor de leeftijd van 12 weken. Een gechipte kat is géén zwerfkat. Zowel de chip als de castratieplicht geldt ook indien de dieren verkocht, geadopteerd én zelfs gratis weggegeven worden. Deze verplichting heeft véél voordelen, zowel voor de eigenaar als de maatschappij, maar ook voor de kat zélf.

Vanaf ongeveer 5 à 6 maanden worden katten vruchtbaar en beginnen ze vervelend gedrag te vertonen. Katers (soms ook kattinnen) gaan dan sterk ruikende urine sproeien, rondzwerven en vechten met andere katers. Ze worden roekeloos en hebben daardoor meer kans om aangereden te worden. Als kattinnen krols zijn, worden ze erg rusteloos en janken ze dag en nacht de buurt bij elkaar. Door castratie/sterilisatie komen de dieren tot rust en worden die problemen opgelost. Bovendien kan je niet meer onverwacht opgezadeld zitten met een ongewenst nestje. De poezenpil is immers niet 100% betrouwbaar.

Katten zijn heel vruchtbare dieren en planten zich snel voort. Zo zwerven veel katten zonder eigenaar op straat. Deze zwerfkatten geven overlast, bijvoorbeeld door het lawaai als ze vechten en in de paartijd, het overal achterlaten van ontlasting en urine, en het openrijten van vuilniszakken als ze op zoek gaan naar voedsel. Bovendien vormen deze ongeremd voortplantende katten een bedreiging voor inheemse wilde dieren of de lokale fauna.

Katten kunnen erg veel last hebben van hun hormonen en met zichzelf geen blijf weten. Het is diervriendelijker om je kat van de hormonen af te helpen door hem of haar te castreren. Dat voorkomt ook dat je kat het dodelijke kattenaids of leukose oploopt. Zonder sterilisatie loopt het dier veel méér risico op baarmoederontstekingen en melkklierkanker. Zonder ongecastreerde katten krijgen asielkatten bovendien meer kans op een nieuwe, warme thuis.